Waarom we beter niet kunnen leven in het nu

Goeroes en coaches vertellen ons allemaal: leef in het nu. In het verleden wonen woede, spijt en schuld. In de toekomst wonen angst en zorgen. Door stilte, meditatie en ademhaling verander je je toestand en je ervaring. In het nu vind je liefde, vrede, helderheid. Als kind leefden we volledig in het heden, heel krachtig, levendig, vrij en spontaan.

Dat mag waar zijn, echter een cruciaal element vergeten we hier: als kind hadden we dagelijks pijn en verdriet. Een zoekgeraakte knuffel, een geschaafde knie, ruzie met een ander kind in de zandbak. Het spontane zijn-in-het-nu vraagt om overgave aan alles wat er is. Om in je kracht te staan mag je je dus niet druk maken over de zoveelste valpartij of de honderdste keer dat je blokkentoren niet blijft staan. Bovendien moet je volledig door die ervaring van pijn, verdriet of mislukking heen gaan. Je kunt er niet omheen.

Als volwassenen hebben we geleerd te anticiperen op pijn en mislukking, door deze ervaringen in het nu te vermijden. We vluchten naar het veilige verleden (dat kennen we immers) of verpozen in de toekomst. Het heden is weleens te confronterend voor ons. Dit principe te overstijgen vraagt wel iets meer van je dan ‘ademen in het heden’.

We willen best in het nu leven, als dat ‘nu’ prettig zou zijn.

Eerlijk

Klopt het dan niet, en leidt diepe ademhaling en meditatie tot niets? Ik geloof wel degelijk dat er grote wijsheid schuilt in de kracht van de ademhaling, en ook dat de sleutel ligt in het volledig in het nu zijn. Om deze levenswijze te kunnen omarmen, hebben we dan wel meer eerlijkheid nodig over wat het inhoudt. Er zijn veel leraren die het beste met ons voor hebben, maar al te vaak vertellen ze ons niet hoeveel kracht het vraagt om het heden in al zijn facetten in de ogen te kijken. Het heden is niet mooi of lelijk, het is alles. En daar ligt doorgaans ons grootste verzet. We willen best in het nu leven, als dat ‘nu’ prettig zou zijn. En die premisse is niet aan ons.
Averechts effect

Goeroe’s die graag delen in hun geluk, kunnen weleens een averechts effect hebben op ons welbevinden of onze spirituele groei. Doordat wij keer op keer geconfronteerd worden met hoe simpel het eigenlijk is (gewoon diep ademen), raken we gefrustreerd. Boos zelfs, op onszelf. Want waarom hebben we nou nóg geen tijd gemaakt voor die dagelijkse routine, die oh zo eenvoudige meditatie die ons werkelijk tot grote hoogte zal doen stijgen? We voelen ons dom, of lui, of onmachtig. Het moet zo simpel zijn en wij slagen er niet in! Wij modderen nog altijd aan met die zorgen, angsten en schuldgevoelens, die volgens de meesters niet nodig zijn. Au!

Laten we realistisch zijn. Laten we de héle waarheid tonen, en niet alleen het gelukzalige deel. Eerlijk is eerlijk: volledig in het moment zijn, spontaan als een kind, is een kunst. Het eist bereidheid om elk moment als nieuw te betreden, om geen illusie van controle over de materie of je emoties te koesteren, om geen idee te hebben wat er over vijf minuten gebeurt. Het is een vrije val. Succes!

Advertisements

Binnenstebuiten 

Hoe werkt jouw hoofd? Wie heeft de regie en wie bestuurt je emoties? Voor wie denkt dat dit materie is voor psychologieboeken, lees maar door. Pixar en Disney hebben de handen weer eens succesvol ineengeslagen voor een nieuwe animatiefilm, met als resultaat een spannend avontuur in het hoofd van een 11-jarig meisje.

Het leven van Riley ziet er prima uit. Ze heeft liefdevolle ouders, is fanatiek in ijshockey en op school gaat ook alles goed. Maar dan gaat ze verhuizen, en dit zet alles op zijn kop. Hoe dat in zijn werk gaat, krijgen we te zien vanuit het hoofdkwartier: een vijftal zeer betrokken figuren dat Riley ‘bestuurt’. Plezier, angst, verdriet, woede en afkeer zijn de personages die in Riley’s hoofd de boel draaiend houden, haar gedrag beïnvloeden en haar herinneringen opslaan.

Dat dit een interessante, leerzame en zelfs hilarische film kan opleveren, had ik niet kunnen bedenken. De emoties zijn dag en nacht in touw om het leven van Riley zo geweldig mogelijk te maken, maar ja, ze hebben hun beperkingen. Woede is nogal licht ontvlambaar, verdriet heeft permanent moeite om het leven van de zonnige kant te zien en plezier is non stop aan het werk om overal het positieve van te blijven zien, en alles in goede banen te leiden.

Geniaal zijn vondsten als deze: een doos met blokjes ‘feiten’ en blokjes ‘meningen’ valt om. Plezier roept: ‘oh nee! De feiten en meningen liggen door elkaar!’ De ander, terwijl hij alle blokjes lukraak terugsmijt in de dozen: ‘ach joh, dat gebeurt zo vaak.’ Ook de structuur van herinneringen, langetermijngeheugen, verbeeldingsland en persoonlijkheidseilanden – gebieden die stevig veranderd zijn in je persoonlijkheid – geeft een prachtig en invoelbaar beeld van je innerlijk.

De stress rondom de verhuizing doet het ‘lolbroekeneiland’ van Riley wankelen, en hoe meer rampen zich voltrekken in haar leven, hoe zwakker alle eilanden en herinneringen in haar persoonlijkheid worden. Komt dit ooit weer goed?

De emoties werken zo hard zij kunnen om dit avontuur tot een goed einde te brengen, en houden de kijker lang in spanning.

Bewust ouderschap? Over keuzevrijheid en vaccinaties

Als ouder wil ik mijn kind beschermen. Zo goed mogelijk. Beschermen tegen ongelukken, verdriet, ziekte, pijn. Toen ik zwanger was, praatten we veel over het aanstaande ouderschap. Wat was onze visie, en in hoeverre zaten we op één lijn? Het onderwerp ‘vaccinatie’ was het spannendst. Voor ons, als ouders, maar, zo blijkt, ook in de samenleving. Er zijn felle voor- en tegenstanders in het maatschappelijk debat over vaccinatie, en zowel ouders als professionals in beide kampen gaan door het vuur voor hun mening. Het is dan ook geen kleinigheid: er staan levens op het spel.
Het verschil met andere opvoedkundige kwesties is, dat het niet gaat om stijlverschillen als wegwerp- of wasbare luiers, maar om een keuze waarvan de consequenties niet te overzien zijn.

Als ouder neem je de verantwoordelijkheid om goed voor je kind te zorgen. Toch staat er een behoorlijke druk op de ‘vrije’ keuze om wel of niet te vaccineren. Waar gaat het mis?

Keuzes
De tijd waarin wij nu leven, grossiert in uitvindingen die onze ouders of grootouders nog niet kenden. We hebben keuze in onderwerpen waarvan zij het bestaan niet vermoedden. Van soorten jam tot vlees of vega, van type onderwijs tot religieuze stromingen. Aan die keuzevrijheid hangt een behoorlijk prijskaartje: verantwoordelijkheid, en daarmee ook een flinke portie schuldgevoel. We kiezen namelijk nooit goed.

Hoezo? Neem het vraagstuk over vlees, de bio-industrie versus vegetarisme. Vlees eten kun je tegenwoordig nauwelijks meer zonder schuldgevoel doen. Voor mij is een dier gedood dat toch al geen leuk leven leidde, en ik laat daarbij nog eens een immense ecologische voetafdruk achter. De hoeveelheid granen en water dat voor mijn stukje vlees geofferd is, staat niet in verhouding tot het rendement van de maaltijd. Vegetarisch eten is echter allerminst zaligmakend. De bergen met soya die geproduceerd zijn voor mijn vleesvrije burgertje brengen misschien wel net zoveel schade toe aan de aarde. En dan is de kap van tropische regenwouden in mijn naam nog niet meegerekend.
Eet smakelijk dus: kauw maar lekker op je schuld.

Waarom kunnen we het niet goed doen? Omdat we geacht worden onmogelijke keuzes te maken. Het is ondoenlijk om de effecten te overzien van onze keuzes. Als je een stukje kip in de winkel kocht, kon je tot een paar jaar terug redelijkerwijs niet verzinnen dat deze kip slechts een paar weken oud was geworden, nooit daglicht had gezien, nooit zijn eigen voedsel had kunnen pikken, medicatie kreeg en ga zo maar door. Inmiddels weten we dit, en staan we dus elke dag opnieuw voor het dilemma of we deze martelgang ondersteunen, of dat we ons geld uitgeven aan een peperdure duurzame kip of een aardebelastende soyavariant. En dan heb ik het nog niet over de invloed op je eigen gezondheid, die elke keuze met zich meebrengt.

Deze complexe materie zou dan ook niet in onze handen mogen liggen. Je zou moeten erop kunnen vertrouwen dat degene die het product gemaakt heeft, betrouwbaar is, en jou kwaliteit aanbiedt.

Als boodschappen doen een morele daad wordt, verandert je leven in een politiek statement. En ik ken maar zeer weinig mensen die daar gelukkig van worden.

Wat weten we nu echt?
Zo gaat het ook in het vaccinatiedebat. Als kersverse ouder word je geconfronteerd met een thema uit de gezondheidszorg dat nog in de kinderschoenen staat. Nog maar net uit de kraamtijd kun je ervoor kiezen om je baby een serie spuiten geven voor de eigen en de volksgezondheid. Omdat onze overheid duidelijkheid wil scheppen en geen verwarring wil zaaien, biedt het een vaccinatieprogramma aan met zo’n grote stelligheid, dat je wel gek zou zijn om het af te slaan.

De wetenschap is nog heel jong. We hebben nog geen generatie met het complete pakket aan vaccins bejaard zien worden. We hebben nog geen overzicht. We weten nog niet hoe ons lichaam reageert op vaccins, we weten nog niet welke mutaties van bestaande virussen of welke nieuwe ziektes het antwoord zullen zijn op het uitroeien van oude ziektes. We weten niet eens of het mogelijk is om een ziekte uit te roeien, laat staan of dat ethisch wenselijk is. We kunnen dus nog niets zeggen over de gezondheidseffecten van vaccinaties, zeker niet op de lange termijn. Een heel spannend element voor ons als ouders is, dat we al niet kunnen voorspellen of de keuze voor of tegen vaccinatie schade toebrengt aan onze eigen kinderen, maar ook niet aan die van anderen. Wie weet zeker of een gevaccineerd kind het eigen immuunsysteem en dus van de mens verzwakt? Wie weet zeker of een ongevaccineerd kind een ziekte door kan geven en dus een bedreiging is voor andere kinderen? Deze onzekerheden kunnen medicus noch filosoof voor ons wegnemen, en desondanks verlangen we allemaal naar de ultieme wijsheid. Zo staan we al gauw fel tegenover elkaar.

Proefkonijnen
Zonde! Wij ouders, wij willen stuk voor stuk gezonde kinderen grootbrengen. Maar we worden verblind door de onvolledige informatie, en verward door de veelheid aan keuzes, die we met onze lekenkennis niet kunnen maken.

We leven als proefkonijnen in een uit de hand gelopen laboratoriumproject en we reageren onze doodsangst af op elkaar.

In grootmoeders tijd konden we ons beraden op de kennis van de vorige generaties. Doe zoals je moeder doet, dan komt het wel goed. Die luxe kennen wij niet meer, dus zoeken we allemaal onze eigen weg, en vallen we elkaar aan, in plaats van gezamenlijk de aanbieders van deze onverteerbare keuzes terug te fluiten.

Vrij van schuld

Het is tijd voor een meer behapbaar palet aan keuzes. Het is hoog tijd ook dat we elkaars keuze meer respecteren. We mogen elkaar meer erkenning geven: we worstelen met thema’s die ons collectief boven het hoofd groeien. Laten we wat minder energie verspillen aan de moderne angst om de verkeerde keuze te maken, en onszelf bevrijden van de schuld. Laten we wat vaker intunen op de collectieve kennis die we van onze voorvaders en voormoeders meekregen!
Ik vertrouw er graag op dat alle ouders het beste voor hun kinderen willen, ook al handelen ze anders dan ik. We weten allemaal net zo weinig, en dat ligt niet aan ons.

Gelukszoeker

‘Gelukszoekers’ hoor ik de laatste tijd vaak, en het woord wordt met minachting uitgesproken, alsof het om een verwerpelijke activiteit gaat. Het klinkt afwijzend. Als je geluk zoekt, moet je hier niet zijn. Keer om en leef je miezerige leven maar zonder geluk!

Waarom hebben mensen deze harteloze houding? Het lijkt erop dat sommigen geloven, dat er een beperkte hoeveelheid geluk is. Als andere mensen komen om dit geluk te zoeken, dan zou dat onze portie doen verkleinen. Een gigantische misrekening!

Geluk is een oneindig en overvloedig begrip. Geluk vermeerdert zich door te delen. Laten we zoveel mogelijk gelukszoekers ontvangen, opdat we allemaal zwemmen in het geluk!

Maar aan het vraagstuk of en zo ja hoeveel mensen we in een land herbergen, gaat een heel andere vraag vooraf. Namelijk: waarom zou een mens zijn eigen land en familie verlaten? Dat is een grote stap, die voor zover ik weet niemand voor de lol maakt. Zeker niet door een bootje te betreden met kans op een gruwelijke dood.

De vraag is dan ook niet of we vluchtelingen op moeten vangen, de vraag is hoe we ervoor kunnen zorgen dat mensen geen vluchteling hoeven te worden.

Ik heb foto’s gezien van verdronken kinderen, soms met de luier nog aan. Hartverscheurend. Ik ben zelf moeder, en ik kan geen situatie bedenken waarin ik ervoor kies om mijn kind aan het risico op deze dood bloot te stellen. Onder welke omstandigheden zou jij je kind liever op de boot zetten dan het thuis houden? Hoe zag het leven van de dode kinderen eruit voor vertrek? Het leven moet ondraaglijk geweest zijn voor de mensen die de moed hadden om in een bootje de zee over te steken en hun geluk te beproeven.

En daarnaast: waarom was Columbus een stoere zeevaarder en geen verwerpelijke gelukszoeker? Waarom mag een Albert Heijn landbouwgrond in Egypte inpikken voor Hollandse sperziebonen, maar mogen Syriërs niet naar Nederland om een goed leven te hebben? We beschouwen onszelf als wereldburgers, en we voelen ons vrij om overal naartoe te reizen, te handelen, grondstoffen uit de aarde te halen, Chinese kinderhandjes telefoons en sneakers te laten maken. Maar een stukje van onze welvaart delen is ons te veel?

Ik wens dat iedereen die de overtocht wel overleeft, met open armen verwelkomd wordt op een nieuw stukje aarde. Het liefst een ontvangst krijgt met applaus en bloemen, want het getuigt van lef, onmenselijk veel lef om de oversteek te maken.

Eerlijk over meditatie!

Meditatie brengt je in contact met wat is. We stellen ons bij deze kalme zijnservaring voor hoe we genieten van dauwdruppels, zonsopgangen en vlinders op een geurende bloem. Ervaren yogi’s en retraite-oorden aarzelen niet om de eindeloze heerlijke voordelen van meditatie op te sommen. In magazines lees je hoe briljant je leven verrijkt wordt door de stilte in jezelf op te zoeken.

De realiteit kan echter vies tegenvallen. Want wat gebeurt er als je stil wordt van binnen, als je geest kalmeert en je zintuigen verscherpen?

Jouw realiteit van dit moment komt werkelijk bij je binnen.

Dit betekent dat je dus vaak eerst je innerlijke rommel tegenkomt. Een noodzakelijk onderdeel van het verhoogde bewustzijn waar je zo naar verlangde. En dat kan wel eens inhouden dat je eerst de ruzies met je lief, de TL-lampen op kantoor en de zorgen om je hypotheek opmerkt.

Stoorzenders buiten je kloppen aan. Stoorzenders binnen in je laten zich horen. De ruis van de wereld rochelt over je heen, je voelt helemaal geen vrede en geluk – en nu word je zelfs kwaad!

Boosheid hoef je niet te weren. Toch zijn we wel gewend dit te doen. Constant zijn we op zoek naar prettige prikkels, naar een toestand van geluk. Dat is wat we willen. Onze methode om dat geluk te bereiken is het uitbannen van de narigheid, zoals een filter waar het nutteloze wegstroomt en waaruit je de vrolijke ervaringen als een residu opvist.

Ai, zo werkt het niet.

Geluk is niet de afwezigheid van pijn en verdriet. Geluk is het integreren van alles wat er is. Je kunt simpelweg niet kiezen voor licht en geluk door ongewenst duister en pijn de deur uit te zetten.

Hoe zit het dan met die talloze clubs voor mindfulness en retraite die je de kans bieden om bij jezelf te zijn en om in het felbegeerde hier en nu te raken? Het geboden perspectief is spectaculair. Hemels. Terecht?

Ja en nee. In volkomen stilte met jezelf zijn geeft je wel degelijk dat gevoel van vrede. Helemaal eerlijk is de voorspiegeling niet. Je glijdt niet zomaar in een zalige toestand wanneer je in lotuszit gaat. In het nu zijn, dat betekent dat je ziet wat er is. Leef je met onrust, dan zul je die onrust in het begin extra sterk ervaren, voordat je bij de rust kunt komen.

Je komt hoe dan ook in aanraking met de modder, de zwarte aarde, donkerte die je het liefst ontwijkt.

Het wordt eerst slechter, voordat het beter wordt. En dat is nu precies wat niemand je vertelt.

Bovendien: meditatie hoeft geen doel of uitkomst te hebben. Meditatie zegt in wezen dat je er bent, zonder iets te doen. Ervaren dat je meer bent als je minder doet is al meer dan de moeite waard.

Vuurwerk van de wereld

Ik herinner me een oudejaarsdag. Ik mediteer ik met mijn yogagroep. Stil zitten voor vrede, een mooi idee.

Buiten knallen grote en kleine kinderen erop los. Het oude jaar wordt door hen heel anders afgesloten dan door ons! Aanvankelijk erger ik me, raak telkens uit mijn eigen stilte en maak me kwaad. Zo kan ik me toch niet concentreren! Kunnen ze niet stil zijn op straat? Grrrr!

Het ligt buiten mijn macht. Naar buiten rennen en van iedereen verlangen met vuurwerk te stoppen is kansloos. Wel kan ik mijn meditatie afbreken. Wie heeft er dan last van? Ikzelf. Dus ook die mogelijkheid laat ik los.

Er is nog een optie: aanvaarding. Het hinderlijke geluid uitbannen is onmogelijk, dus zal ik het moeten integreren. Ik adem, en luister naar rotjes, duizendklappers en gillende keukenmeiden alsof het zangvogels zijn in de prille lente.

En dan gebeurt het: ik zie ineens dat precies zo de wereld is. Elk moment, overal op aarde is geluid en gedoe. Binnen in je, buiten je. Of je ernaar verlangt of het kwijt wil; er is voortdurend beweging. De wereld is nooit stil. Rotjes, duizendklappers, gillende keukenmeiden. Woede, angst, oorlog. Het is niet aan mij om het te willen stoppen of ervan weg te vluchten. Er simpelweg bij blijven zitten kan ik wel.

 

En daarmee werd het dan toch vredig in mij. Nooit heb ik zo lang en stil in meditatie gezeten als op deze rumoerige oudejaarsdag.

Nelleke Bos, 2014

God?

cropped-img_0030.jpg

Ben jij gelovig? Hoor jij bij een kerk of andere officiële club die jouw geloof bevestigt?
Ik heb mezelf nooit gelovig genoemd, laat staan aangesloten bij een groep die een bepaald geloof uitdraagt. Wel ben ik spiritueel aangelegd. Ik voel me diep thuis bij de sjamanistische levenswijze, bij de yogatraditie, bij de sufi’s, bij de christelijke weg. Scheppingsverhalen uit Australië, Zuid-Amerika, IJsland, Afrika, Griekenland: prachtig. Het zijn stuk voor stuk versies van de mythische werkelijkheid die betekenis geeft aan ons bestaan. Kiezen vind ik niet nodig. Mijn geloof is breed, heel breed.

Te breed, zo blijkt.

Van kinds af aan heb ik een sterk gevoel bij “God”. Als overal op de wereld mensen bedenken dat god bestaat, zo redeneerde ik als kind, dan moet het toch waar zijn? Ook later bleef een zeker besef van het hogere bij me. De wereld waarin ik leef is zo bezield en zo vol van genie, dat kan geen toeval zijn, dat is geen willekeurige som van celdelingen. Alles wat ik zie is god. De sterren, de aarde, wijzelf. Geen man met een baard die op een wolk over ons regeert en bepaalt. Geen rechter die goed van fout onderscheidt. Geen mensachtig wezen dat bepaalt wat de juiste weg is om te gaan. Nee, mijn god is oneindig veel subtieler en aanweziger dan dat.
Ik praat nooit over god. Ik beweeg me tussen kerk en yogamat. Zing mantra’s en joiks. Voor mij hoeft er geen labeltje op, ik hoef de grenzen niet in te kleuren. Heilig is heilig.
Het gesprek dat ik vandaag voerde over Jezus, god & geloof, was intens. De man tegenover me was oprecht, invoelend en vol liefde. Als hij de naam van Jezus noemde, werd de kamer lichter. Hij meende wat hij zei: Jezus is zijn vriend en zijn redding. Ik werd blij van zijn woorden, en kon me er in vinden. Ja, Jezus is een wijze oprechte heilige mens. Maar mijn ‘geloof’ in Jezus bleek niet goed genoeg, want ik zei niet dat hij de enige was. Ik zei dat hij net zo mooi en goed was als Boeddha.

 

De man noemt mij een zoeker. Een zoekende mens, die Jezus nog niet gevonden heeft. Hij ziet niet wat ik zie: ik heb Jezus al gevonden, en hij staat stralend naast de rest.

Al heel lang wil ik een labyrint maken waar alle religies een plek in vinden. Een pad dat iedereen mag lopen, ieder met een eigen gebed. Vandaag wil ik dat labyrint zijn. Alles in mij verenigen. Laat mij gedoopt en ingewijd worden in alles wat er is. God woont overal.
Moet je gedoopt worden om bij god te horen? Ben je niet al bij god van geboorte?

Vaccineren: ‘ik word liever niet ziek’

‘Ik word liever niet ziek’ luidt het kopje in een kinderopvang-logboek. Eronder staan op een rijtje de nu gangbare vaccinaties voor jonge kinderen.

Ik word liever niet ziek. Onder die vlag willen we de cocktails van inentingen rechtvaardigen. Mijn eerste impuls op de stelling is: inderdaad, ik word niet graag ziek. Ziek zijn voelt niet lekker. Gezond zijn is ook mijn streven. Maar wat is gezond zijn?

Wat mij betreft gaat gezond zijn over: leven als een geheel. Leven met het complete palet aan ervaringen dat de natuur je biedt. De warme zon voelen in de zomer, de vrieskou in de winter.

We leven in een cultuur die een afkeer heeft van ziekte, van ouderdom en van dood. We zijn bang geworden voor verval, voor de donkere kant van het leven. Deze angst weerspiegelt zich in onze totale levensstijl: in de winter vliegen we het liefst naar de tropen, we verhullen onze leeftijd met make up en cosmetische chirurgie, we onderdrukken ziekte en pijn met paracetamol en medicijnen die vaak slechts aan symptoombestrijding doen. We doen er alles aan om te voorkomen dat we ziek en oud worden of doodgaan.

Een deel van dit gedrag vind ik gezond: natuurlijk probeer je zo gezond mogelijk te blijven, en je lichaam & geest jong en vitaal te houden. Maar hoe rijm je vaccinaties met echte gezondheid? Jezelf inspuiten met ziektekiemen schaar ik niet onder de gezonde manier van omgaan met jezelf. Net zomin als ik botox een gezonde manier vind om je huid jong te houden. Ik zie het als de noodgrepen van een angstige maatschappij, de stuiptrekkingen van een cultuur die vergeten is hoe het ritme van de natuur werkt.

Wat gebeurt er met planten en dieren – en ook mensen – die zware tijden hebben overwonnen? Ze worden taaier, geharder, sterker. Een boom in het duingebied bijvoorbeeld, vormt een gedrongen, gedraaide stam, om zich staande te houden in de zeewind. Wat gebeurt er met je huid die de tekenen van het leven mag dragen? Die wordt bewonderd om haar schoonheid, al is ze nog zo oud en verweerd.

Gezondheid nastreven is iets wezenlijk anders dan het ontkennen van onprettige maar noodzakelijke kwaliteiten van het leven. Als niemand ooit ziek wordt, niemand oud wordt, niemand sterft, zal onze aarde dan nog een fijne plek zijn om te leven?

We hebben alle facetten van het leven nodig; licht en donker zijn beide essentiële kwaliteiten.

Word ik echt liever niet ziek? Toch wel. Om daarna met nieuwe krachten verder te leven.