Vaccineren: ‘ik word liever niet ziek’

‘Ik word liever niet ziek’ luidt het kopje in een kinderopvang-logboek. Eronder staan op een rijtje de nu gangbare vaccinaties voor jonge kinderen.

Ik word liever niet ziek. Onder die vlag willen we de cocktails van inentingen rechtvaardigen. Mijn eerste impuls op de stelling is: inderdaad, ik word niet graag ziek. Ziek zijn voelt niet lekker. Gezond zijn is ook mijn streven. Maar wat is gezond zijn?

Wat mij betreft gaat gezond zijn over: leven als een geheel. Leven met het complete palet aan ervaringen dat de natuur je biedt. De warme zon voelen in de zomer, de vrieskou in de winter.

We leven in een cultuur die een afkeer heeft van ziekte, van ouderdom en van dood. We zijn bang geworden voor verval, voor de donkere kant van het leven. Deze angst weerspiegelt zich in onze totale levensstijl: in de winter vliegen we het liefst naar de tropen, we verhullen onze leeftijd met make up en cosmetische chirurgie, we onderdrukken ziekte en pijn met paracetamol en medicijnen die vaak slechts aan symptoombestrijding doen. We doen er alles aan om te voorkomen dat we ziek en oud worden of doodgaan.

Een deel van dit gedrag vind ik gezond: natuurlijk probeer je zo gezond mogelijk te blijven, en je lichaam & geest jong en vitaal te houden. Maar hoe rijm je vaccinaties met echte gezondheid? Jezelf inspuiten met ziektekiemen schaar ik niet onder de gezonde manier van omgaan met jezelf. Net zomin als ik botox een gezonde manier vind om je huid jong te houden. Ik zie het als de noodgrepen van een angstige maatschappij, de stuiptrekkingen van een cultuur die vergeten is hoe het ritme van de natuur werkt.

Wat gebeurt er met planten en dieren – en ook mensen – die zware tijden hebben overwonnen? Ze worden taaier, geharder, sterker. Een boom in het duingebied bijvoorbeeld, vormt een gedrongen, gedraaide stam, om zich staande te houden in de zeewind. Wat gebeurt er met je huid die de tekenen van het leven mag dragen? Die wordt bewonderd om haar schoonheid, al is ze nog zo oud en verweerd.

Gezondheid nastreven is iets wezenlijk anders dan het ontkennen van onprettige maar noodzakelijke kwaliteiten van het leven. Als niemand ooit ziek wordt, niemand oud wordt, niemand sterft, zal onze aarde dan nog een fijne plek zijn om te leven?

We hebben alle facetten van het leven nodig; licht en donker zijn beide essentiële kwaliteiten.

Word ik echt liever niet ziek? Toch wel. Om daarna met nieuwe krachten verder te leven.

 

Advertisements

Borstvoeding, lekker simpel

Dat borstvoeding ‘het beste is voor je kleintje’, zoals elke kunstvoedingfabrikant flemend beweert*, weten we wel. Maar we worden dag en nacht geconfronteerd met wat we zouden moeten doen, omdat het zo allemachtig góéd is. Van duurzame tuinmeubelen tot plofkip – onze maatschappij zit tjokvol keuzemomenten die stuk voor stuk een beroep doen op ons moreel besef, en daarmee op ons schuldgevoel. Kiezen voor leuk en lekker is er niet meer bij. De makkelijke weg mag je niet meer nemen. Verantwoord moet het wezen. Dat geldt ook voor de babyvoeding. Nog voordat het kleine wonder mama’s veilige buik verlaten heeft, zijn er al tal van morele keuzes gemaakt over het jonge leventje, en sta je als nieuwbakken ouders opnieuw voor een dilemma: borst of fles?

Lekker

Zei iemand maar eens hoe lekker borstvoeding is! Dan deden we het toch zeker allemaal, zonder tussenkomst van lactatiekundigen of de WHO-code die 6 maanden uitsluitend borstvoeding voorschrijft, versus de voedselproducent die baby’s liefst vanaf dag 1 aan de poedermelk ziet, en al na 4 maanden op het kauwen van prakjes aast.
Borstvoeding lekker, zei ik dus? Jawel, en hoe! Ik heb het niet over de smaak. Des te meer over het gevoel van een kindje voeden. Over de rust die er van uitgaat, over het gemak van altijd-bij-de-hand. De soezerige hormonen die vrijkomen bij moeder en kind wanneer de kleine drinkt. De troost die in de melk en moeders nabijheid zit. De liefde die met de melk meestroomt.

Waarom moeten moeders horen hoe lekker het is? Ik geloof dat ik persoonlijk sneller over de streep ga als ik de winst voor mezelf ook zie, om eerlijk te zijn. En zeker in dat oververmoeiende eerste levensjaar van je kind, is het een groot cadeau om iets energiegevends mee te maken. Zoals borstvoeding. Toegegeven, juist in de opstartweken ben je een doorlopende melkmachine, en kost het voeden je ook veel tijd en energie. Je borsten, jijzelf en je baby zijn een intensieve samenwerking met elkaar aan het opzetten, en dat gaat niet altijd vanzelf. Er is gepruts met happende mondjes en lekkende tepels, met stuwing en over- of onderproductie. Zoekende handjes, onkundig nog. Maar dan! Ieder groeit in z’n eigen rol, en weet wat hem/haar te doen staat. Er komt een dag dat je kindje zichzelf aanlegt: zonder omhaal de borst weet te vinden en drinkt. Een tijd ook, dat je de deur uit kunt met een extra luiertje in je tas, en that’s it. Geen fles en poeder mee, geen magnetron nodig in de horeca. Zelfs geen blik op de klok, want borstvoedingsbaby’s zijn niet gebonden aan het meten van uren of centiliters. Geen afwas en geen boodschappen te doen. En had ik al gezegd dat je borsten hun werk gratis doen?

Gebruik je borsten

Dus het argument: ‘borstvoeding is zo lekker makkelijk’ lijkt me heel valide. Er ligt op het moment te veel druk op moeders om het allemaal goed te doen. Ook schijnen we collectief te geloven dat borstvoeding goed, maar erg moeilijk is. Er zouden zoveel manieren van mislukken zijn, dat je net zo goed meteen kunt kiezen voor de fles. Je wordt er faalangstig van. Natuurlijk zijn er vrouwen die het echt wilden, en bij wie het niet lukte. Ondanks alles – en dat is balen!
Maar voor de overigen: lieve mensen, die borsten zijn er niet voor niets. Ze zijn gemáákt voor die baby. Maak het jezelf gemakkelijk en gebruik ze.

Nelleke Bos, februari 2015 | http://www.nachtzonteksten.nl

*nutricia opent elke reclame-uiting ermee, en nestle adverteert zelfs met “borstvoeding is het beste en dient zo lang mogelijk gegeven te worden”

IMG_2893

Borstvoeding

Het officiële standpunt is dat we vóór zijn. De borst is het beste, zijn zelfs kunstvoedingfabrikanten verplicht te vermelden. De World Health Organization (WHO) adviseert minimaal 6 maanden uitsluitend borstvoeding en tot 2 jaar blijven voeden naast vast voedsel. We weten het wel: het is de perfecte voeding, want op maat gemaakt, altijd voorradig, op temperatuur, de juiste hoeveelheid en samenstelling per moment van de dag voor het kindje. Vacuüm verpakt en op elk gewenst moment beschikbaar. Borstvoeding voorkomt overvoeden. Het bevordert veilige hechting. Borstvoeding resulteert bij jongens in hogere scores op school* en voorkomt bij meisjes vaker infecties**. Het zit tjokvol hormonen die moeder en kind soezerig en liefdevol maken en het is zelfs voorzien van gerichte bouwstoffen voor een jongen als je een zoon hebt, en voor een meisje als je een dochter hebt***. Kortom, het beste onder de zon.
Waarom doet dan niet iedereen het, en stoppen de meeste vrouwen toch binnen een half jaar al met borstvoeding, als het zo geweldig is?

Cultuur

Ik kom tot twee antwoorden. Het eerste antwoord: de sociale omgeving telt zwaar mee, en remt af. We leven in een cultuur waarin borsten niet primair met baby’s geassocieerd worden, maar met sex. Je borsten gebruiken voor voeding – en dan vooral in het openbaar – doet mensen denken aan iets heel anders dan babyvoeding, en kan met afwijzing benaderd worden. En als je ergens niet op zit te wachten tijdens het intieme moeder-en-kindmoment van voeden, is het commentaar van omstanders. Dus kies je er als moeder vaak voor om alleen binnenshuis te voeden. Daarmee wordt de situatie in stand gehouden, want kinderen die vrouwen hun baby zien borstvoeden, zullen vaker zelf later hun kind gaan borstvoeden. Kinderen die niet in aanraking komen met borstvoeding, zullen er zelf ook minder vaak voor kiezen.
Ook vaders hebben het er vaak onverwacht moeilijk mee. Enthousiast in de eerste weken, maar op den duur sta je als vader gevoelsmatig toch aan de zijlijn. Onmachtig om bij te dragen aan iets wezenlijks: je kind voeden. Je vrouw gaat op in het samenzijn met het kind, en je kind richt zich nog sterker op de moeder, waar immers eten en liefde uit stroomt. Dus ook binnenshuis kan er weerstand zijn die de borstvoeding afremt.
Daarbovenop hebben we nog een geëmancipeerde samenleving, waarin moeders zichzelf na drie maandjes met hun kleintje al wegrukken van dit nieuwe leven om weer aan de maatschappij deel te nemen. Omdat het zo hoort. Met een beetje geluk is er een acceptabele kolfruimte op je werk, maar zelfs dan is het nauwelijks vol te houden om je kind te blijven voeden. Kolven is zwaar, en levert minder melk op dan wanneer je kind zelf bij je drinkt. De sociale druk van collega’s of je baas is er ook: je kost immers werktijd terwijl je kolft.
Al met al zijn er veel sociale situaties die allesbehalve pro borstvoeding zijn.

Geld

Het tweede antwoord is simpel: moedermelk doet de kassa niet rinkelen; niemand verdient er iets aan. Het kost geen geld. Leuk voor de ouders, maar dat is niet zo belangrijk. Borstvoeding is zo goedkoop en efficiënt, dat de voedselindustrie er geen slaatje uit kan slaan. Baby’s worden commercieel een heel stuk interessanter wanneer ze kunstmelk krijgen; als ze flesjes en poeder, adviseurs en slabbetjes nodig hebben.

Verandering

Willen we echt het beste voor onze kinderen? Dan hebben we op veel meer terreinen verandering teweeg te brengen. Het uitgedragen standpunt “borstvoeding is het beste”, legt nu teveel verantwoordelijkheid bij de moeder, die eenzaam tegen alle sociale en commerciële belangen in haar kind zo mooi mogelijk groot probeert te krijgen. Maar het is niet de taak van de moeder alleen! Er ligt een taak voor ons allemaal om bij te dragen aan een goede start van de volgende generatie. Die bijdrage schuilt voornamelijk in het hebben van een andere mindset.
Willen we als samenleving evenwichtige, gezond volwassenen, dan hebben we immers een maatschappelijk belang bij het beste begin voor elk kind: borstvoeding.

haal alle poedermelk uit de supermarkt, en geef kunstvoeding op doktersvoorschrift

De vraag aan aanstaande moeders hoort niet te zijn: ‘Ga je borstvoeding geven?’ De vraag is bijvoorbeeld eerder: ‘Hoe lang, vaak, veel, in welke houding, en waar ga je borstvoeding geven?’
Alle vrouwen zijn speciaal ontworpen om hun kind te voeden, dat is gewoon een combipakket dat de natuur ze heeft meegeven. Zwanger raken, kind dragen, baren en voeden. All in. Voor alles geldt dat er uitzonderingen zijn, en voor die uitzonderingen is het prettig dat er hulpmiddelen zijn, zoals er draagmoeders voor uitzonderlijke situaties zijn, en dokters en ziekenhuizen voor een moeilijke bevalling, zo is er kunstmelk voor problemen met je borstvoeding. Het feit dat er kunstmelk, draagmoeders en dokters zijn, betekent niet dat we daar automatisch gebruik van maken. De natuur voorziet in de basis. Laten we die basis dan ook benutten!

Ik zeg: haal alle poedermelk uit de supermarkt, en geef kunstvoeding op doktersvoorschrift in geval van nood. Zo maak je weer helder wat de basis mag zijn, en geef je vrouwen een stuk meer vanzelfsprekendheid mee over de taak van hun eigen borsten.

Januari 2015, Nelleke Bos

*het hormoon oestrogeen in moedermelk, dat jongens zelf niet aanmaken, geeft onder meer extra stressbestendigheid, waardoor scores op rekenen en lezen stijgen ten opzichte van jongens die als baby geen borstvoeding hebben gehad. bron: newscientist.com, “Breastfeeding boosts schoolboys’ brains, not girls'”
**ademhalingsinfecties worden bij meisjes vaker voorkomen wanneer zij borstvoeding krijgen. bron: healthylives.nl. “Borstvoeding beschermt een meisjes baby beter dan een jongen baby”
***in moedermelk zit van nature meer vet, suiker en calcium voor jongens, en er wordt in het geheel meer melk aangemaakt voor meisjes. Bron: scientias.nl/moeder-past-borstvoeding-aan-op-geslacht-van-haar-baby/98181/

Schadelijke voeding?

‘Pindakaas net zo slecht als tabak’, meldt de volkskrant op 28 april. Dat zit hem in de zogeheten AGE’s, blijkt uit Amerikaans onderzoek. De vraag of de schadelijkheid van deze stoffen werkelijk zo groot is, interesseert Nederlandse onderzoekers uiteraard. Mij een stuk minder. Het zal best. Zoals uit het artikel al naar voren komt, is er om de haverklap een product of ingrediënt schadelijk voor ons. Daarin schuilt het echte probleem.
We kunnen ons blijven druk maken om elk los opgedoken probleem, en het uitentreuren onderzoeken, maar we kunnen beter naar het onderliggende thema kijken. Want waarom keert ons voedsel zich tegen ons?
Ik ken geen voorbeeld uit de natuur waarin het basisvoedsel van de soort muteert en schadelijk wordt voor de soort zelf. Alleen de mens overkomt zoiets bizars. Gevaarlijk eten, dat is tegennatuurlijk. De volgende vraag komt logischerwijs aan bod: Hoe gaan andere diersoorten met hun voedsel om? Ik zie geen dieren die hun eigen voedsel verbouwen, synthetische of chemische processen op hun eten los laten, of er simpelweg veel te veel van nemen. Zo heb ik ook nog nooit gehoord van een diersoort die zijn eigen leefomgeving verwoest, laat staan dat zo’n diersoort daar dan vergaderingen over houdt, in plaats van de omgeving te herstellen. Maar dat terzijde.
Wij zijn de enige soort die zijn voedsel bewerkt, en dat met slechts beperkte kennis over de werking van de grondstoffen. We weten nauwelijks hoe de chemische processen in ons voedsel en in ons lichaam werken, en toch hebben we er een complete industrie op gebouwd. Deze industrie is zo lekker comfortabel, dat we elk teken van ziekte die ze oplevert, eerst ontkennen, en vervolgens langdurig onderzoeken, zonder consensus te bereiken, zodat we haar niet hoeven opgeven.
Natuurlijk weten we allemaal dat bewerkt voedsel minder gezond is dan puur natuur zonder toevoegingen. Maar Hollandse knollen van het seizoen zijn niet sexy, en bovendien economisch onaantrekkelijk. Liever besteden we onze energie jarenlang aan elkaar tegensprekende onderzoeken over de vraag of biologisch nu echt wel zo logisch is, dan dat we gewoon stoppen met rotzooi naar binnen stouwen die zo kunstmatig bewerkt is dat die een nucleaire ramp zou overleven. Dus gaan we maar door met de kant-en-klare maaltjes uit de hele wereld, met de afhaal en de zogenaamde light- of andere gezondheidsproducten die ons willen doen geloven dat zij ons dienen en dat wij goed bezig zijn.
Waarom houden we onszelf zo grondig voor de gek? Is het nu echt zo’n naar perspectief om bijvoorbeeld worteltjes en piepers op je balkon te kweken, en die te ruilen tegen de eitjes van de kippen van je buurman? Wat hebben we te verliezen dat schadelijker is dan onze gezondheid, die nu juist op het spel staat?
Laten we eens minder energie verspillen aan onderzoek, en meer varen op ons instinct. We weten zelf wel wat goed voor ons is – we luisteren alleen niet meer naar onze eigen natuur. En dat is pas echt schadelijk.

Nelleke Bos, Amsterdam
Verschenen in VK 30/04/2014